We maken de grensoversteek van El Salvador naar Guatemala met de befaamde chickenbussen, de gepimpte Amerikaanse schoolbussen.
Niet altijd even comfortabel als ze volledig volgepropt zitten, maar wel vrij efficiënt en goedkoop. Hier is de ‘conducteur’ over de mensen aan het klimmen om geld op te halen. We zijn wel verwonderd hoe weinig toeristen we tegenkomen op deze bussen.
We moeten 6 verschillende bussen nemen in totaal. We passeren plaatsen in Guatemala waar ze toeristen niet gewend zijn en dat voelen we meteen. Mensen op de bus vragen foto’s met ons wat uitdraait in een hele fotoshoot.
We stranden even in een stadje waar we ons niet volledig op ons gemak voelen omdat we veel nieuwsgierige, geïnteresseerde, maar ook scheve en uitlacherige blikken te verduren krijgen. Hier moeten we een tijdje op een bus wachten. Algauw worden we vergezeld door een moeder, zoontje en grootmoeder die ons komen knuffelen omdat ze dezelfde bus moeten nemen. Reden genoeg om instant dikke vrienden te zijn! Een goede oefening om te leren wennen aan weer een nieuwe Spaanse variant, want het Spaans varieert een beetje in elk land.
We zijn klaar om ondergedompeld te worden in de Maya cultuur vanaf nu. In Guatemala hebben ze ongeveer 27 talen. Spaans en heel veel verschillende plaatsafhankelijke ‘Maya talen’.
Onze eerste bestemming is het Atitlán meer. De meest populaire bestemming van het land en terecht want het is een ongelooflijk mooie plek! Een groot meer, ooit ontstaan door een vulkaanuitbarsting, omgeven door drie vulkanen. We plannen rustiger te reizen en daar vliegen we meteen stevig in! We blijven een week aan dit meer en vullen onze dagen vooral met zwemmen en zonsondergangen. We wisselen de perspectieven van het uitzicht af door te slapen in 4 verschillende dorpjes rond het meer elk met hun eigen typerende sfeer. Verplaatsen doe je via de taxiboot.
De zonsopgangen zijn hier vroeg, maar we zijn om 3u30 opgestaan om zonsopgang te kijken vanop een hoog punt, genaamd ‘de neus van de indiaan’. Zie jij de indiaan in deze berg?
De zonsopgang met chocomelk was prachtig en heel gezellig met zo’n 100 mensen op het tipje van de neus. Er waren bankjes en het voelde een beetje als een tribune in een theater. In de verte zie je de actieve vulkaan Fuego gas geven.
Op Morena en Mochacha verkennen we 3u de natuur rond het meer!
Cowboy voor het eerst op een paard
Ik zag een unieke kans om iets te leren wat ik al heel m’n leven wou uitproberen! ‘Aerials’ met ‘silks’. Ik kreeg 2u les en was onder de indruk van hoe snel je al coole dingen kunt waarmaken. Het is denk ik wel de zwaarste en pijnlijkste sport die ik ooit geprobeerd heb. Als iemand een appartement weet vrijkomen in Antwerpen met een heel hoog plafond, laat het ons weten. 😉
We probeerden ook een Maya sauna uit, een temazcal. Het ziet er uit als een pizzaoven en je moet er op uw knieën in kruipen. Binnen is het donker en wordt het warm gemaakt met een houtvuur aan de buitenkant waar je aan de binnenkant water over giet.
Schilderijtjes op de gevels
Overvolle koffieplanten
Het meer is prachtig maar deze locatie wordt echt overgenomen door buitenlanders; toeristen en heel veel expats. Na een week mooie uitzichten gingen we opzoek naar de authentieke Maya cultuur.
Costa Rica, een land met veel jungle, een grote biodiversiteit en een heel vrolijke bevolking.
Ook Costa Rica is een duurder land ten opzichte van de andere dus rekken we er ‘maar’ 10 dagen voor uit. Het openbaar vervoer is niet efficiënt en ook niet goedkoop dus huurden we een auto om meer uit onze tien dagen te kunnen halen. Wat een comfort die flexibiliteit en rugzakloze tijd! Én het auto rijden blijken we nog niet afgeleerd te zijn.
We reden door veel bananenplantages en veel palmboomplantages (voor palmolie), heel mooi.
Minpunt: willekeurige mensen vragen altijd geld om op uw auto te letten, omdat anders de ramen ingeslagen kunnen worden zeggen ze. Dat gaf wel vaak een onveilig gevoel, aangezien we toch enkele keren vriendelijk gepast hebben hiervoor. Maar de ramen zijn heel de reis meegegaan, ne meevaller!
We bezochten verschillende nationale parken. Elk stuk natuur is nationaal park. Wat goed is want de natuur wordt heel goed beschermd, maar jammer genoeg vragen ze voor elk park apart een dikke inkom. Daarom is het moeilijk om Costa Rica te verkennen met een klein budget, want zo goed als niets is gratis, zelfs geen wandeling in het bos.
We bezochten regenwouden, nevelwouden (Cloudforest), jungles naast de kustlijn zowel aan de Pacifische kust als aan de Caraïbische.
Oktober kent de hevigste regenval in Costa Rica, waardoor het elke dag wel eens stevig giet, of soms wel uren aan een stuk. Hierdoor is er ook minder wildlife te spotten. We hebben wel heel wat gezien, maar hebben niet álles kunnen afvinken. Luipaarden, Puma’s, Quetzal (de chique, zeldzame vogel), wasberen en tapirs hebben we niet gezien. Luiaarden enkel ergens heel hoog in de bomen.
Park Manuel Antonio:
Aapjes van dichtbij, veel prachtige toekans, een coole kikker, slangetje en weer veel van deze jungle ratten/konijnen.
Corcovado:
Hiervoor lieten we onze auto 2 dagen achter want we namen een boot naar het schiereiland Osa, naar Drake bay. Eerst een stukje over de rivier waar krokodillen voorbij zwemden vervolgens over zee langs een jungly kust.
Het park op dit eiland konden we enkel bezoeken met een tour met een gids. We nemen niet vaak een gids dus voor de verandering is dat wel eens leuk!
Op dit schiereilanden zagen we een super grote dikke pad (2 vuisten groot), apen, grote ara’s, heel veel neusberen, dikke krokodillen, een keischattig verstopt vleermuisje en veel grote vogels.
Er werden rivieren getrotseerd tijdens het verkennen van het woud en ook namen we een heerlijke duik met z’n allen. We vertrouwden op de gids die ons beloofde dat de krokodillen hier niet komen, desondanks het wel dezelfde rivier is als de foto’s hierboven.
Maar het hoogtepunt was onderweg met de boot naar de ingang van het park. Een moeder- en babywalvis springen beide tegelijkertijd de lucht in en blijven ons nog een tijdje verder entertainen. De kans was klein omdat ze momenteel bijna allemaal weer weg zijn geïmmigreerd, maar ik wou heel graag walvissen zien en was de zee dus stevig aan het afscannen tijdens de bootrit en het heeft geloond! Heel blij met deze show!
El Miro:
Onderweg nemen we een korte pauze om te lunchen bij een uniek uitkijkpunt over de kustlijn; een vervallen villa versierd met mooie graffiti. Bij het verkennen van de ruïne struikelen we bijna over een fijne maar lange giftige slang, die op de enige trap naar boven ligt, met zijn kopje hoog in de lucht, klaar om te vechten. We wagen het er niet op en kruipen maar langs de bosjes terug naar boven.
Monteverde en Santa Elena:
In het nevelwoud waren we op een regenachtige dag. Het bos was heel mysterieus sprookjesachtig maar door de regen zagen we geen dieren. We kregen de toestemming om in de namiddag terug te komen maar toen konden we enkel enkele vogeltjes zien en was het zicht van de uitzichttoren nog niet opengetrokken. We kregen de full ‘cloudforest’ experience!
We gingen naar een koffieplekje waar we overdonderd werden door kolibries! Ze vlogen echt letterlijk rond onze oren. Ik kon foto’s nemen van heel dichtbij en dan vlogen er nog kolibries tussen uw gsm en uw gezicht door! Hier kwam ook een nieuwsgierige neusbeer kijken onder ons tafeltje.
Ook deden we hier weer aan ziplinen. In Ecuador deden we dit ook al. We hadden spectaculaire bovenaanzichten op de nevelwouden. De langste was 1600 meter lang (de langste in Latijns-Amerika). Vervolgens nog een Tarzan swing zoals in Ecuador, onze grootste favoriet, want de meeste adrenaline!
Vulkaan Arenal:
We reden langs een mooie route naar een spectaculaire vulkaan. Jammer genoeg konden we beide niet bewonderen door het wolkendek dat de omgeving geheim hield. (Dezelfde vulkaan trouwens die we ook niet konden zien van op de uitkijktoren in Monteverde) We genoten van een rivier, opgewarmd door de vulkaan. Toen we verder weg reden konden we de vulkaan toch nog spotten vlak voor zonsondergang!
Puerto Viejo en Cahuita:
De laatste dagen spenderen we aan de Caraïbische kust. Een beetje rustig aan in ons lekker gezellig hostelletje met jungle tuin vlak naast de zee. Af en toe worden we verplicht om te niksen door de zware regenval.
In de tuin zien we 15 van deze groene giftige kikkers, monstergrote leguanen die in de bomen klimmen, en apen die aan de staarten komen trekken van de leguanen! En Luiaarden heel stilletjes in de toppen van de bomen. In de ochtend worden we gewekt door de brulapen.
Ook komen we slangen tegen. Hier zitten heel wat giftige slangen dus het is uitkijken waar je wandelt als je van het strand door de jungle naar het hostel wandelt.
Deze slang heeft een hagedis in zijn mond.
Onderaanzicht van een leguaan:
\\We krijgen regelmatig lieve reacties op onze blog zonder naam. We zijn heel nieuwsgierig wie onze anonieme fans zijn! We weten niet waarom reacties met of zonder naam verschijnen, dus als je twijfelt vermeld je best je naam in je reactie. Behalve als je verkiest om mysterieus te blijven uiteraard. 🤭//
10 dagen in Panama! Een pak korter dan onze andere landen, gewoonweg omdat de landen in Centraal een pak kleiner zijn dan in Zuid-Amerika. Panama is ook een stuk duurder op alle vlakken; hostels, transport, eten, activiteiten…
We vlogen van Lima naar Panama City. Eerste keer pech met het vliegen: vertraging en te laat voor de connectievlucht. We spenderen vele uren in Bogota op de luchthaven en komen midden in de nacht aan in Panama.
Panama: een land met veel jungle, prachtige strandbestemmingen en een heel belangrijk kanaal! Een land met veel Amerikaanse invloeden, maar ook verrassend veel verschillende inheemse stammen (8) met allen hun unieke en heel mooie klederdracht.
Panama City is een heel moderne stad met gigantische chique wolkenkrabbers. Iets wat we nog niet zagen op onze reis. Er is ook een historisch centrum met een uitzicht over de zee en de reuze containerschepen die wachten voor hun intrede in het Panama-kanaal.
We bezoeken een centrum over de fauna en flora van Panama. In het park spotten we twee luiaards en een monster-leguaan die er vrij komen en gaan.
Als daguitstap maakten we ook een wandeling in de jungle, wat maar een uurtje buiten de stad is met de bus. Eerst moesten we een stukje wandelen naast het Panama kanaal voor de route de jungle in schoot.
Het was regenachtig, maar wel supercool wat we hier allemaal gespot hebben op onszelf!
We waren nog maar enkele minuten aan het wandelen toen we opgeschrikt werden door een heel luid gebrul. We schrokken ons een ongeluk en het eerste wat er door uw hoofd schiet is een panter of een beer, maar als je even helderder nadenkt besef je dat de demoon-geluiden apen zijn! Hoog in de bomen spotten we verschillende soorten.
Ook hebben we een coole mini-kikker gezien en zoveel superkleurrijke vogeltjes. Ik heb zelfs een toekan voorbij zien vliegen!
We hebben het Panama-kanaal al enkele keren van ver kunnen spotten, maar je kunt er nooit dichtbij komen.
We gingen naar een bezoekerscentrum waar je de werking van de sluizen kunt zien. Amerikanen zijn helemaal ondersteboven van dit systeem, maar wij kennen dit al.
Toch zijn er enkele redelijke verschillen. Het coolste verschil: de krokodillen. Onderweg van de bushalte naar het bezoekerscentrum spot Alexander een dikke krokodil achter de dam van het kanaal.
Een tweede verschil: de grootte van de schepen. Gigantische schepen met 17.000 zeecontainers banen zich een weg door de smalle sluizen. Bij de grootste schepen is er maar een speling van 30 cm langs beide kanten. Daarom maken ze gebruik van 4 treintjes om het schip voort te trekken en te besturen; het laatste grote verschil.
Toen we aankwamen om 9:30 in de ochtend vernamen we dat de eerstvolgende boot pas om 14:00 zal passeren. Dikke pech, we hadden niet verwacht dat dit belangrijke handelspad 5u stil ligt in het midden van de dag. Blijkbaar komt dat omdat er 1 heel erg smal stuk is in het kanaal waardoor boten elkaar niet kunnen passeren. Daardoor is er in de voormiddag een shift van de Pacifische zee naar de Caraïbische en van zodra al die boten voorbij het smalle stuk zijn kan de shift van de Caraïbische zee naar de Pacifische beginnen.
In het bezoekerscentrum is een chique cinemazaal waar een 45 minuten durende documentaire in 3D wordt gespeeld over Panama en het kanaal, ingesproken door Morgan Freeman. Echt wel een heel knappe en interessante film.
Feitjes:
Bij de bouw van het kanaal in 1914 stierven er veel werkers aan malaria en dengue. Toen wist men nog niet wat de ziektes waren. M’n is onderzoek gestart naar de oorzaak van de sterftes om de efficiëntie van de bouw te verbeteren en toen heeft men de ziektes kunnen toeschrijven aan de muggen!
Er is niet heel veel aandacht gegaan naar de eerste boot die door het kanaal ging aangezien dit op dezelfde dag was als de start van de wereldoorlog.
Het kanaal is dus al superoud, en de boten zijn niet meer van hetzelfde kaliber als 100jaar geleden. Om het kanaal competent te houden zijn er in 2018 verbredingen gebeurd. Er zijn ook meerdere sluizen naast elkaar gebouwd.
Een schip doet 10u over een volledige doorsteek van het kanaal en dat kost zo’n 5.000€ voor het schip.
Na de film vullen we de overige 4u op met de gratis WiFi aangezien er jammer genoeg niets was van foto exhibitie of museum naast de documentaire.
Van op het uitkijkplatform hebben we enkel zicht op de oorspronkelijke sluizen. De grootste schepen varen door de nieuwe sluizen in de verte, die ook een beetje hoger gelegen zijn. Die kunnen we dus niet zien.
Op het moment dat het eerste schip eindelijk gaat passeren door de sluizen staat er zo veel volk te kijken dat we niet heel erg veel kunnen zien. Jammer, want vroeger waren er 4 verdiepen met uitkijktribunes in het gebouw en nu zijn de bovenste 3 toe.
In Panama City bezoeken we ook een museum over ‘mola’s’, een deel van de klederdracht van een bepaalde inheemse stam: de Kuna’s. Dit is de stam die leeft op de San Blas eilanden die we plannen te bezoeken. Een mola is een genaaide kleurrijke doek met veel verschillende lagen en details. Deze doeken dragen ze op hun buik en rug.
De San Blas eilanden zijn een groep prachtige eilanden; witte stranden, helder blauw water, enkel palmbomen en omgeven door een schitterende onderwaterwereld. Beeldt u het uitzicht van de Maledieven voor, maar dan zonder de resorts. Ze worden de mooiste eilanden van de wereld genoemd. Er zijn er 380 eilandjes waarvan maar 40 bewoond door de Kuna-indianen. Zij zijn de oorspronkelijke bevolking van panama en beslissen autonoom over de hele eilandengroep. Zij verwelkomen zelf de toeristen en baten de accomodaties uit. Daarom blijft het kleinschalig; houten hutjes op het strand.
Ze verbieden vissen met geavanceerde technieken en ook scubadiven. Hierdoor zijn de koraalriffen de best bewaarde ter wereld.
Lokale bevolking
We verblijven er 4 dagen. We worden met een openbaar vervoerboot naar ons eerste eiland gebracht. We zetten iemand af op de eilanden het dichtst bij het vaste land: volgebouwd met huttekes van de lokale bevolking, niet zo paradijselijk maar wel heel speciaal om te zien.
Het eerste paradijselijke eiland blijkt al meteen dat van ons te zijn. Heel veel palmbomen en hutjes gemaakt van bamboe met een dak van palmbladeren. Er wonen twee kuna-gezinnetjes.
We consumeren onze eerste kokosnoten. Je ziet en hoort ze regelmatig naar beneden vallen. Zou nogal een knap einde van de reis zijn en als er zo een op ons belandt. Ik ben er op het nippertje vanaf gekomen op de schommel!
De volgende dag worden we opgehaald door onze haaiboot en gaan we op daguitstap: we bezoeken andere eilanden.
Overal zijn prachtige snorkelmogelijkheden. Mooie koraalriffen, en héél veel kleurrijke vissen. De onderwaterwereld is hier helemaal anders dan bij de Galapagos eilanden, daar waren geen koraalriffen en minder vissen.
Elegante zeemeermin
De traditionele vrouwen zijn zo mooi gekleed! Op elk eiland verkopen ze hun coole mola’s en armbandjes.
Wi sell coconut
We bezoeken ook een ‘natural pool’. Dit is een stuk ondiep wit zand zonder dat er een eiland boven water steekt. Hier zagen we wel 5 gigantisch dikke zeesterren. Een slim gezinnetje is met hun houten bootje naar de plaats geroeid om in het water hun armbandjes te verkopen in het midden van de zee!
We bedienen onszelf met kokosnoten op het strand, maar we moeten het doen met de tools die we op strand vinden; een stuk hout en schelpen!
Momenteel is het regenseizoen. De lucht is bewolkt en we krijgen wat regen te verduren. Maar de stormen met regen, bliksem en donder op zee zijn ook wel heel cool om te zien van op je kleine eilandje. ‘S nachts in je bed ben je gewoon aan het hopen dat de felle regen je kleine eilandje niet wegspoelt. 😂
De volgende dag komt onze haaiboot ons ophalen om ons naar een nieuw eiland te brengen waar we onze laatste nacht verblijven. Hier hebben we de meeste regen en de hardste storm verduurd gekregen, maar de laatste dag ook verrast met een warme dag en rechtstreekse zon! De eilanden waren al prachtig maar de zon maakte plots alles nog 7x mooier; het water wordt blauwer, de vissen feller en de palmbomen maken tropische schaduwen op het strand. Echt het paradijs! We beloven dat we niet staan te poseren voor een poster. 😉
We zijn ook bediend met lekkere seafood hier op de eilanden: vissen, zeevruchtenmix, inktvis en scampi’s. Yummy yummy yummy!
Op onze laatste dag worden we alleen wij twee afgezet op een piepklein eilandje; hier woont een vrouwtje met haar klein apeke. Dit was echt genieten in de zon op ons privé-eilandje zonder andere toeristen!
Dat kwam omdat de standaard tour die we geboekt hebben eigenlijk een dagtour of met 1 nacht is. Wij hebben deze tour met twee nachten extra geboekt. Als extraatje hebben ze ons dan alleen op dit eilandje afgezet, in de namiddag vervoegen we ons bij de groep om nog eens de dagtour mee te doen, dus terug naar de natural pool en de andere eilanden, maar dat is zeker niet tegen ons goesting!
Na 4 dagen moeten we jammer genoeg de eilanden verlaten gaan we terug naar Panama City. Maar anderzijds zijn we zeker voldaan qua kokosnootconsumptie. Ik vond het spijtig dat we geen onbewoond eiland hebben bezocht maar we zijn echt supertevreden van onze San Blas ervaring!
We wouden een nachtbus nemen naar het noorden van Panama, maar bleek dat de laatste bus vertrok om half 9 waardoor we aankwamen om 4:00 in de ochtend op onze bestemming. Gelukkig was er echt een supergezellig plein in Boquete met lichtjes en zelfs gratis WiFi. Boquete is omgeven door jungle en is populair bij vogelspotters. Vanaf 5:00 werden de vogels in de bomen van het plein wakker. De verschillende fluitjes van de vogels waren echt heel origineel en mooi, maar na enkele minuten werd het echt oorverdovend veel en luid voor meer dan een uur aan een stuk! Van zodra het dorp wakker werd gingen we opzoek naar een kamer.
Vervolgens trokken we naar een populaire korte wandeling net buiten Boquete om vogels te spotten. We hoopten op het zien van de Quetzal, een zeldzame vogel, de mooiste van de wereld! In Ecuador hebben we ook de kans gehad maar jammer genoeg niet gespot toen.
Het wandelingetje door de jungle was mooi maar jammer genoeg hebben we niet veel wildlife gespot. Geen Quetzal dus. Wel een boom van 1000 jaar oud!
De schoolbus brengt ons terug naar het dorp
De dag nadien nemen we een bus van 10u naar Costa Rica!