Off the beaten track in Peru

Ik kan jullie vertellen over twee van mijn favoriete avonturen tot nu toe!! 

Na de trein van Machu Picchu naar Ollantaytambo stappen we meteen op een busje naar Pata Kancha. Een kleine gemeenschap in de bergen waar je nooit van zou horen of heen zou gaan als je niet toevallig contact hebt gehad met Juan. Ik las eens over Juan’s familie in een Facebookgroep van Peru. Juan en zijn familie ontvangen graag toeristen om hun kleurrijke gemeenschap en hun manier van leven te tonen, maar ze zijn niet online te vinden; Je kan hem enkel contacteren via whatsapp. Enkel mond-aan-mond reclame dus. Hij wist ons te vertellen dat er heel sporadisch toeristen langskomen ongeveer één keer in de twee maanden. 

In het busje richting de community wordt het alsmaar kleurrijker van zodra er mensen af en op stappen. Het lijken verkleedkleren gewoon omdat de hoofddeksels zo absurd onnuttig en onhandig lijken! 

Aangekomen worden we opgehaald door Christiano, de oudste zoon van 9jaar. Hij toont ons het huis en onze kamer. Zijn ouders zijn niet thuis. 

Er is een buitenkoer met een moesstuintje, kippen en waar ‘s nachts ook de schapen staan, het toilet buiten en een kleien kamer waar vuur gemaakt en gekookt wordt. Binnen in het huis krijgen we een proper kamertje, maar het gezin van 6 slaapt samen in 2 dubbele bedden. In de gang worden de gedroogde aardappelen bewaard. 

Van zodra mama Fortona thuis is, kan ze niet wachten om ons ook in de traditionele kledij te stoppen die ze zelf heeft gemaakt! Ze verwelkomt ons met een zelfgebakken broodje met ei en een theetje. Ze drinken hier enkel gekookte dranken want drinkbaar water is niet ter beschikking. We mogen kiezen uit verse kruiden en bloemetjes uit de moestuin. 

Gedurende de dag vordert ontmoeten we de 4 kinderen, die komen en gaan. 4 vuile snoetjes: 

Schattige Alvaro, 4 jaar.

Flinke Ana, 6 jaar.

Zotte Adriano, 8 jaar.

Zorgende Christiano, 9 jaar. 

Juan ontmoeten we pas volgende ochtend aangezien hij op stap is in de stad. 

Fortona vertelt ons dat er feest is in de kerk vandaag. Het feest gaat nog door tot 16u. Ze wilt duidelijk zo snel mogelijk terug. We vragen of we met haar meekunnen. De misviering zou nog 30 minuten duren. 

In het zaaltje dat de kerk voorstelt is iedereen heel kleurrijk in traditionele outfits gekleed; ook wij. Maar we zijn echt wel de vreemde eendjes. Ik had het gevoel dat we wel beter in de groep blendden met de kleurrijke rok en poncho. Ik weet niet hoe de locals er tegenover staan dat we hen vervoegen in de kerk verkleed als hen, maar ze zijn vooral druk bezig met bidden. De kindjes die tussen de biddende mensen rondlopen komen ons nieuwsgierig met open mondjes aanstaren. Ana en Alvaro komen soms hangen en knuffelen, dat hielp wel om ons meer op ons gemak te voelen. 

5 voor 4; tijd voor het laatste gebed. Iedereen verzameld zich op de knieën voor het altaar dicht op elkaar gepakt voor een zeer hevig gebed. Mannen, vrouwen, iedereen gaat heel diep in het gebed op. 

De gebeden worden sterker en een vrouw valt schreeuwend neer op de grond. Iedereen begint luider en luider te bidden, te schreeuwen. De Spaanse woorden maken plaats voor onidentificeerbare geluiden en bewegingen. Iedereen lijkt in een trance terecht te komen. Al snel wordt ons duidelijk dat iedereen heftig aan het bidden is voor de vrouw die schreeuwend op de grond ligt. Een ‘ziekte’ of boze geest heeft haar bezeten en ze proberen haar hiervan te bevrijden. 

De gebeden worden heel sterk en heftig. Mensen zijn door elkaar aan het schreeuwen, aan het huilen en in het rond aan het springen. 90 jarige vrouwen kruipen rond op handen en knieën door de zaal, de pastoor is huilend aan het bidden, wij proberen alles heel bescheiden en onopvallend in ons op te nemen wat er rondom ons aan het gebeuren is. Het laatste wat je wil is als toerist of indringer gezien worden dus proberen we onze ogen te sluiten en zachtjes mee te doen om onopvallend in de groep op te gaan. 

De vrouw wordt door verschillende mensen ingesmeerd met heilige olie. Op een gegeven moment krijgt de vrouw de microfoon om te vertellen over haar visies. Ik was bang dat ze ons als indringers ging aanwijzen en dat de hele gemeenschap in een trance zich tegen ons zou keren. 

Gelukkig werden we gespaard en werd de vrouw na 2u (!) bevrijd van de geest. Bij de laatste heftige bevrijding moesten alle ogen bedekt worden. De kinderen werden beschermd met zwaaiende bewegingen boven hun hoofd en alle ogen moesten gesloten worden zodat de vrijkomende geest niet in iemand anders kon binnendringen. De vrouw werd herenigd met haar emotionele familie en de misviering was over. 

Iedereen verlaat de zaal en enkele minuten na de heel heftige gebeurtenis in de kerk zitten we met de kleurrijke gemeenschap buiten in een kring aardappelen en alpacasoep te delen. 

De alpacasoep is interessant: flubberig en iedereen heeft een deel van de alpaca. De vrouw naast mij had een kaak met tanden in haar soep drijven, die smakelijk afgeknabbeld wordt. De botjes met een vettig zwart vel erover in onze soep blijven een raadsel welk lichaamsdeel ze zijn. 

We keren terug naar huis, daar maken Christiano en Adriano vuur voor ons in de keukenhut om op te warmen. De gemeenschap is gevestigd op een hoogte van 3800m, de lucht is er droog en ijl, de zon erg sterk en ‘s nachts koelt het hier af. De kaakjes en handen van de kinderen zijn droog en al bevlekt door de straffe zon zonder protectie. Fortona maakt eten klaar voor de kinderen die niet hebben kunnen meegenieten van de alpacaflubber bij de kerk. We zitten met het hele gezin gezellig samen in de warme kleien hut op kleine krukjes en schapenvellen; theetjes drinken en papieren vliegtuigjes vouwen.

We spelen nog buiten met Alvaro en de schapen voor we in bed kruipen onder 7 zware dekens. 

‘S ochtends verzamelen we weer in de keukenhut om het ontbijt te bereiden. Toen Fortona gisteren hoorde dat we in België veel frieten eten, besloot ze dat het voor ontbijt frieten zullen worden! Flubbersoep, frieten en heel veel lekkere gestoofde groenten! Het is echt gek wat ze hier op je bord kunnen toveren van lekkers, bereid op een eenvoudig vuurtje. 

Juan komt thuis en geeft enkele opties van activiteiten die we kunnen doen vandaag: wandelen naar een meer, wandelen naar de landbouwwerking van de gemeenschap, wandelen naar de alpacaboerderij of naar Lares, een stad dichtbijgelegen, prachtig, heel leuk om te bezoeken. De kinderen smeken ons om voor Lares te kiezen dus we stemmen in. Juan vertelt ons dat het een stukje rijden is met de moto en dat we ons zwemgerief moeten meenemen omdat er warmwaterbaden zijn. 

We springen achterin de laadbak van de moto met de vier kinderen. Het was hilarisch met de kinderen die door elkaar geschud worden in de bak op de zandwegen door de bergen. We rijden over een bergpas langs meren en heel veel lama’s en alpacas in het landschap. Na toch een tijdje oncomfortabel rijden, vertelt Juan ons dat het ‘nog maar anderhalf uur rijden is’, we schrokken ons een bult dat het zo ver was. 

Aangekomen bij de thermale baden, koopt Juan een dikke blok zeep. De kinderen worden hier grondig gewassen. De thermale baden stellen niet super veel voor. Het is hier eerder een heel druk openbaar zwembad met heel veel kinderen die hier eens gewassen worden, bommetje springen en op interessante manieren leren zwemmen in het hete water. Na 20 minuten hebben we het gezien, kleden we ons weer aan en eten we nog een lekkere kip met een korstje aan een kraam buiten voor we aan de 2u durende terugrit beginnen.

Het dorp Lares zelf hebben we dus niet gezien. Het was daadwerkelijk lachwekkend hoe we 4u achterin een laadbak van een luide moto over hobbelige bergpassen hebben gereden om de kinderen 20minuten te laten weken in warm water. Zou hetzelfde zijn om naar Amsterdam te rijden voor een zwemmeke en kippennuggets en een half uur later terug te rijden. Een vier jarige wordt bij ons stevig vastgeklikt in een kinderzitje. Hier worden ze in de achterbak gegooid en moeten ze zich vasthouden voor hun leven om er niet uitgeslingerd te worden. En alle vier weten ze heel goed hoe ze overboord moeten plassen tijdens zo’n rit! 

Op de terugrit waren de vier bengels duidelijk heel moe. We vroegen ons af of er één echt in slaap zou kunnen vallen tijdens de rit waar ze zo stevig door elkaar worden geschud. Het leek ons onmogelijk maar niet veel later lagen ze alle vier te schudden in dromenland. We hebben heel eventjes hard gelachen met hun gesukkel, maar al gauw hebben we zo allemaal goed gelegd op een rijtje.

Door de middle of nowhere rijden met die bengels in de achterbak van de moto was wel echt een pinch-me moment van hoe speciaal het was om hier te zijn en dit mee te kunnen maken. 

Onderweg, zowel heen als terug pikten we mensen op die te voet onderweg waren om af te zetten in andere communities of bij hun huisje in the middle of nowhere. Is gewoonlijk een volledige dag wandelen als ze geen geluk hebben van een passerende auto tegen te komen.

Terug in Pata Kancha moeten we heel snel vertrekken omdat de laatste auto naar de stad er is. 

Na de heftige gebeurtenis in de kerk, de zieke kindjes die de hele dag in ons gezicht hoesten en niezen en de beginnende tijdsnood door onze vlucht uit Peru die gepland staat, besloten we maar 2 dagen bij het gezin te blijven. Als we meer tijd hadden gehad had ik zeker meer tijd besteed bij hen, maar we vertrekken rechtstreeks naar het volgend avontuur: we gaan ruïnes verkennen die enkel bereikbaar zijn door 4 dagen te wandelen. 

We springen op het laatste transportmiddel van de dag dat terugkeert naar de echte wegen; een camion waar we in de laadbak springen bij vele anderen. 

We proberen die avond nog zo ver mogelijk te geraken naar het begin van de hike en onderweg ook eten te vinden voor tijdens de hike. Aangezien we van the middle of nowhere naar een andere middle of nowhere proberen te geraken is zowel transport als goed eten vinden moeilijk. We komen uiteindelijk na de middag de volgende dag aan op het startpunt van de hike met een zak droog brood, een paar koeken en een kilogram mandarijntjes. 

We wandelen naar Choquequirao. Het wordt de grote zus van Machu Picchu genoemd, want het schijnt dat  Choquequirao 3x zo groot is. Maar nog niet alles is proper opengelegd. Ook is Choquequirao minder compact als Machu Picchu; de site is meer verspreid over de bergtop en de verschillende flanken van de berg. Daarom dat een overzicht over Choquequirao er wel minder indrukwekkend uitziet als Machu Picchu. 

Het grootste verschil is dat er (nog) geen trein of kabelbaan naar Choquequirao aangelegd is, waardoor je deze enkel kan bereiken door twee dagen heen en twee dagen terug te wandelen. En de hike is enorm stevig! Dit maakt dat er dagelijks maximum 20 bezoekers zijn ipv 5.000. 

De hike begint op het topje van de ene kant van een vallei. Je daalt 1400 meter af naar de rivier, en aan de andere kant moet je weer 1400 meter stijgen. Vervolgens wordt de route verder gezet naar Choquequirao met nog meer hoogtemeters. Na je bezoek keer je langs dezelfde route terug: terug naar de ene top, en helemaal naar beneden, en helemaal naar boven aan de andere kant. 

Ginder ergens was het begin

We begonnen al laat de eerste dag: 14u. Later dan gepland maar toch streven we er naar om aan te komen op onze initieel geplande kampplaats: Halfweg bergop aan de andere kant van de vallei. 

Het is enorm warm en de ondergrond is stoffig. Het voelt als wandelen in de woestijn. We bedekken ons hoofd en gezicht om te beschermen tegen de zon en moeten veel drinken. 

Wanneer we aan het stijgende gedeelte beginnen verdwijnt de zon achter de bergen maar we hebben nog een stukje te gaan. Ik ben heel erg moe wanneer we de eerste kampplaats op het stijgende gedeelte bereiken. Het is ook volledig donker nu. We hebben echt heel slechte dingen van gehoord dus we willen hier eigenlijk niet blijven. Er liggen varkens op bedden en de mensen zijn ook gewoon niet vriendelijk. Ook al is het donker en zijn we moe, we zetten nog 20 minuutjes verder naar de betere camping wat ons oorspronkelijke doel was. Jammer genoeg zijn we wel net te laat om nog avondeten te krijgen, dus doen we het met ons brood. 

De dag nadien wandelen we tot de top waar de laatste slaapplaatsen zijn. We kunnen onze rugzak hier afzetten en we wandelen verder naar Choquequirao met een klein rugzakje. 

Choquequirao verkennen was echt super leuk. Het ligt zo verspreid dat we op onze map moeten kijken waar we nog iets kunnen ontdekken. Als je geen goede map op je gsm hebt kun je echt dingen missen! We wandelen 4,5u rond in de vergeten stad! 

Het allercoolste was het beste verstopt. Alexander wist dat we dit niet mochten missen. Al goed dat hij het ergens had gelezen, anders zouden we er niet heen zijn gegaan want het verricht nog veel extra moeite na de al stevige hike. 

Langs de andere kant van de berg zijn heel veel steile terrassen te zien. Terrassen zijn meestal niet de dingen die je perse van dichtbij moet gaan kijken. Maar langs deze terrassen, die maar voor een stukje zijn vrijgemaakt van begroeiing, volgden we de hele steile en grote treden ver naar beneden. (En daarna dus ook terug naar boven)

Zoek Margo

Helemaal onderaan stond er een mooie verrassing te wachten: lama mozaïeken in de terrassen gevormd door witte stenen. Vanaf de mirador had je een mooi overzicht, dit was echt iets heel unieks dat we nog nooit bij andere ruïnes gezien hadden en we hebben er echt wel veel gedaan! 

Door de leuke verrassingen en echt het ontdekkingsreiziger-gevoel dat we kregen van deze ruïnes te verkennen werd deze ruïne onze nummer 1! 

We kwamen bijna niemand tegen, enkel af en toe iemand in de verte op een andere plaats in de stad. 

Vanuit onze lodge ‘s avonds hadden we zicht op een grote bosbrand aan de overkant van een andere vallei. Een vuurtje dat uit de hand is gelopen. In Ecuador en Peru is het een standaard activiteit als je u verveelt: een stuk natuur in brand steken. We zijn het regelmatig tegengekomen tijdens het hiken; Zwarte stukjes grond, soms zie je er een doosje stekjes naast liggen. Heel raar. Vaak zijn het ook boeren die hun stuk land afbranden na de oogst, maar soms ook jongeren die met een jerrycan in de hand gelukzalig naar hun bosbrandje staan te kijken vlak naast de baan. Dit laatste tafereel namen we waar vanuit de auto toen we terug naar Cusco reden na deze trek. En het rare is dat niemand zich hier zorgen over maakt. Maar soms loopt het dus wel degelijk uit de hand. Er waren verschillende branden in de buurt, ook zijn er momenteel erge bosbranden in het Amazonewoud in Bolivië en Brazilië wat maakt dat de uitzichten de laatste tijd altijd heel troebel zijn.

De volgende dag gingen we proberen in een trek terug naar de start te wandelen. Volledig naar beneden en volledig naar boven dus. Vooral omdat we eigenlijk geen zin hadden om twee dagen te wandelen over dezelfde route en om tijd uit te sparen. En het is ons goed gelukt! Wat maakt dat we de volledige hike dus op 2,5 dag gedaan hebben ipv 4. 

We keerden terug naar het leuke Cusco  waar we een groot deel van onze spullen achterlieten 9 dagen geleden toen we onze hike startten naar Machu Picchu. Hier spendeerden we nog een laatste nacht voor onze reis naar een nieuw deel in Peru: Huaraz. 

Het toeristische centrum van Zuid-Amerika: Cusco

En terecht!

Cusco, gelegen op een hoogte van 3400m, is ooit het centrum geweest van het Inca-rijk. Nu is het een stad gebouwd in Spaanse koloniale stijl bovenop de stevige oude incamuren, omgeven door vele ruïnes. Een bestemming die niemand zal overslaan in Peru, vooral omwille van Machu Picchu en rainbow mountain! We gebruikten Cusco als uitvalsbasis voor vele Inca-ontdekkingstochten gedurende twee weken. 

Eerst wouden we deelnemen aan een walking tour door de leuke stad met interessante geschiedenis, maar we waren de enige die kwamen opdagen en kregen een privé tour. 

Het centrum bestaat dus uit een onderste laag van Inca-muren. Deze zijn zo zorgvuldig gebouwd dat ze zo stevig zijn dat ze vele aardbevingen konden doorstaan. De Inca’s bijtelden enorme stenen uit rotsen zonder metalen tools! Enkel met gebruik van stenen gereedschap. Zo werkten elke blok zo zorgvuldig af dat deze perfect tussen de blokken rondom past. Je zult nergens een spleetje vinden waar je een papier tussen krijgt. De bouwsels passen als een puzzel in elkaar, zonder cement ertussen of dergelijke. Bij een aardbeving (wat hier wel eens voorkomt) trillen de blokken en vallen ze vervolgens weer perfect in elkaar. 

Ze deden dit zonder ijzeren tools maar ook  de verplaatsing van de blokken volledig op mankracht: slepen met touwen gemaakt van de vezels van planten. Voor deze reden zijn er soms uitsteekseltjes aan hun stenen: om touwen aan te kunnen vastbinden. 

We genoten van lekkernijen op de markten. Net zoals dit vrouwtje genoot van haar warme melk op de markt. 

Op de markt werd ik op de schouder getikt door Justine, een vriendin van de universiteit! Toevallig tegengekomen! De eerste keer in 8 maanden dat we iemand terugzien van thuis, een hele leuke verrassing. Ze herkende me aan mijn hemd van de foto’s op Instagram. 😂 Begrijpelijk, want ik draag dat al 4 maanden. Niet veel variatie in de kledingkast hier. 

We springen op het openbaar vervoer/gedeelde taxi/mototaxi om de kleine dorpen en ruïnes rondom Cusco te gaan ontdekken voor enkele dagen.

We beginnen in Ollantaytambo. Een super gezellig dorpje met traditioneel geklede inwoners omgeven door ruïnes op de omliggende bergflanken. De ruïnes zijn goed bewaard, want dit was een van de enige plaatsen waar de Inca’s de Spanjaarden overwonnen hebben! Toeristen zijn meer geconcentreerd in dit kleine dorpje omdat vanuit hieruit de trein naar MachuPicchu vertrekt. 

Volgende stop is Moray. Dit is ook echt een van onze favorieten. Het zijn unieke cirkelvormige landbouwterrassen. De intenties van de Inca’s blijven altijd een mysterie omdat ze geen geschreven taal hadden, maar men vermoedt dat de terrassen op deze manier gebouwd zijn om landbouwkundige experimenten uit te voeren. Er ontstaat een microklimaat in deze cirkels met een temperatuursverschil van 15•C tussen het hoogste en het laagste terras. Zo kon men experimenteren met welk gewas het best groeit in welk klimaat. Superinteressant maar ook superfotogeniek! 

In de buurt bevinden zich zoutterrassen. Ook een waanzinnig coole plek! Op een hoogte van 3000m bevinden zich meer dan 5000 terrasjes/badjes die worden gebruikt voor zoutgewinning voor al 500 jaar aan een stuk. De Inca’s maakten gebruik van de zoute waterbron die hier ontspringt uit de berg door badjes te vormen op de bergwand die gevuld kunnen worden met het water. Het water verdampt, het zout wordt verzameld en het terrasje wordt terug gevuld. Ze worden nog steeds gebruikt. Elk badje is privé-eigendom van een familie. Het is een echt een gek, uniek zicht: de roodkleurige bergen met wit gekleurde terrasjes.

Toen we die avond rondliepen in het dorpje waar we verbleven stoten we op een startend feest op het plein. We nemen plaats op de stoep, op de eerste rij. Het bleek het schoolfeest te zijn van de plaatselijke kleuterschool ‘caramelos en sueños’ (snoepjes en dromen). En hoe kan het ook anders gevierd worden in Zuid-Amerika dan met traditionele dansen op het plein! De 3-, 4-en 5-jarigen treden op in traditionele outfits. Ik smelt helemaal weg. Maar daarna is het ook de beurt aan de ouders van elke groep! Ik verbijt de pijn over het feit dat België geen danscultuur en geen traditionele kledij heeft, want ik ben klaar om te dansen op het schoolfeest van mijn kinderen in kleurrijke kleren met alle andere mama’s en papa’s 💃🏻

Let ook op al hun sandaaltjes, gemaakt van autobanden versierd met een bloemetje. 🥹

Vervolgens passeren we langs Chinchero. Dit dorp staat bekend om zijn kleurrijke textielmarkt op het plein midden in ruïnes. Maar omdat er een groot kerkelijk buitenfeest plaatsvond in het dorp was er geen stofje te bespeuren in de iets minder indrukwekkende ruïnes. 

Sacsaywaman en Q’enqo zijn de laatste ruïnes die we bezoeken. Er zijn er nog meer, maar het wordt stilaan voldoende. Het leuke in Sacsaywaman was een Inca glijbaan! Maar echt serieus, dit was de speeltuin van de Inca-kids! 

Bij Q’enqo ontmoeten we een slapende, lichtdronken man. Hij wordt wakker en spreekt ons aan. Hij schakelt soms onbewust over naar Quechua, de lokale taal naast Spaans, waarvan je echt geen knijt verstaat. Hij leidt mij naar een Incatroon in de rots waar hij mij met een handoplegging en gemurmel in het Quechua goede energie toestuurt. 

Helemaal verlicht keren we terug naar Cusco en wonen we een voorstelling bij van traditionele muziek en dans. 

En dan bereidden we ons voor op een 5daagse trek naar Machu Picchu!

Tot de volgende!

Amazoneavonturen 2.0

We bezochten enkele maanden geleden al de Amazone in Bolivië. Maar de Amazone is zo groot (bijna 40% van Zuid-Amerika, 230x België) dat het gek voelt om er niet nog eens heen te gaan op een andere plaats. De grootste reden was om op de Amazone rivier gevaren te hebben, zoals beschreven in de vorige blogpost. Maar aangekomen in Iquitos gingen we uiteraard ook niet weer meteen vertrekken. 

Iquitos is de grootste stad in de Amazone en ook de grootste stad ter wereld die niet bereikbaar is via een weg. Het is heel interessant om hier rond te lopen. Best choquerend hoe ze hier hun afval managen: niet. Alles wordt op de grond of in de rivier gedumpt. Het water staat laag momenteel waardoor de oevers bedekt zijn in een plastieken laagje. 

Er is een markt waar je ook elke dag je ogen kunt uitkijken: Belén markt. Hier worden naast groenten, fruit en kip ook locale producten verkocht, zoals ‘Junglewormen’, medicinale jungleplanten, andere heksenbrouwsels en jungle-sigaren. Maar ook zaken die niet altijd even legaal verkregen zijn, zoals vlees van alligators, schildpadden en apen, schildpaddeneieren en levende jungle dieren om als huisdier te houden. Heel zielig allemaal omdat de dieren op gruwelijke wijze gedood worden, in gevangenschap niet goed verzorgd worden en bovendien bijna allemaal bedreigde diersoorten zijn. 

Jungle wormen

De lokale bevolking in de stad lijkt zich dus weinig aan te trekken van het welzijn van het Amazonewoud en zijn dieren. 

Een aapje in gevangenschap in een huis

Toen we door de markt aan het kuieren waren werden we aangesproken door een local op de gebruikelijke manier:

Que grande! ?De donde son¿

(Wat groot! Van waar zijn jullie?)

Hij bood ons aan om ons rond te leiden op de ‘gevaarlijke’ markt en in ‘zijn natuurlijke habitat’. Hij toonde ons een boekje met handgeschreven reviews en foto’s van andere toeristen. Na enige twijfel stemden we in om deze onbekende man te volgen door de markt en de sloppenwijken aan de andere kant van de rivier. 

Nu is het droogseizoen en staat het water laag. Maar als het water hoog staat lopen de sloppenwijken en de lage delen van de markt onderwater. Dan vaar je in kleine bootjes rond ipv wandelen. Je ziet de waterlijnen tot bijna 2m hoog gemarkeerd staan op de huizen. In de sloppenwijken staan veel huizen op palen, maar sommige kunnen ook omhoog drijven met het water.

Deze straat heet Venetië
George zijn huis kan drijven

George toonde het huis van zijn vader, wat je amper een huis kon noemen. Hier zaten enkele figuren zelf gestookte drank te drinken om 10u ‘s ochtends. We bedankten vriendelijk toen ze het rare flesje aanboden en zetten onze tocht verder naar George zijn huis waar we zijn vrouw ontmoetten. Er staat een interessant vissoepje te borrelen naast het bed van de schoonvader, naast een box met rivierwater. We werden gastvrij ‘lunch’ aangeboden om 10u ‘s ochtends. Verrassend genoeg zijn we niet ziek geworden van deze Amazone-soep uit de sloppenwijk. Onze buikjes kunnen al heel wat aan na 8 maanden in Zuid-Amerika! 

Twas er goed warm 🥵

We vulden George zijn review-boekje aan en werden teruggeleid naar de kroelende markt. Onderweg moesten we nog op de foto met al zijn vrienden en familie. 

De tours in de jungle houden hetzelfde in als wij al in Bolivië gedaan hebben, dus kozen we voor een andere ervaring. Ik ging werken op een eiland met geredde apen en Alexander verbleef dieper in de jungle. Vanuit zijn hutje maakte hij veel wandelingen in het woud. Ook was er een meer waar hij in kon zwemmen en hij leerde meer over de cultuur van de gemeenschappen in de jungle die echt samen leven met de natuur rondom hen. Een groot contrast met de mensen in de stad. Hij zag coole kikkers, papegaaien en tarantula’s. 

Bij hem was het heel rustig in tegenstelling tot mijn avontuur dat begon op het apeneiland. Hier worden apen heen gebracht die zijn gered uit slechte dierentuinen of van bij mensen thuis. Het houden van apen als huisdier is illegaal en ze worden vaak slecht gevoed. Mensen jagen op kleine aapjes door de moeder uit de boom te schieten. Daardoor zijn er aapjes op het eiland zonder mama. Vooral voor hen moest ik zorgen; melk maken, fruitjes geven, kot en dekentjes kuisen en knuffelen. Zij slapen ‘s nachts in een kot binnen samen met knuffels, omdat het ‘s nachts te koud is buiten voor hen zonder mama. De grote apen lopen buiten rond en van zodra ze zelfstandig kunnen leven verdwijnen ze dieper in het woud. De apen zijn heel aanhankelijk en komen graag knuffelen. Overdag kunnen bezoekers langskomen voor een tour bij de apen.

‘S avonds ging ik mee naar het dichtstbijzijnde dorpje. Hier komt iedereen samen om te voetballen bij zondsondergang. Hier was echt geen enkele andere toerist. Ik hield me bezig met de kindjes van het dorp. Al snel was ik ‘amiga’ (vriendin) en maakten we een kamp voor de kikkers, en gingen ze allemaal fruitjes voor mij plukken van de bomen. 

Na 3 dagen begonnen apen jaloers te worden door mijn aanwezigheid. Complexe beesten; een vrouwelijke aap was jaloers omdat ik naast haar favoriete mannelijke verzorger (mens) liep. Ze viel mij aan, ik moest gaan lopen naar het huis met de aap achter me aan, maar ze kon nog net mee binnen glippen en zette haar tanden in mijn been. Dezelfde dag werd ik nog door een andere aap gebeten in mijn pols. 

De mensen die er werken gaan er heel lichtjes over. Ik werd verzorgd met een ‘antibacteriële’ plant. Het stelt niet veel voor voor hen, maar ik maak me wel zorgen over hondsdolheid, infecties en vooral nog steviger aangevallen te worden. Omdat ik schrik heb om buiten te komen besluit ik 4 dagen vroeger dan gepland mijn kleine baby’s achter te laten en terug te vertrekken naar de stad om ook vaccins tegen hondsdolheid te gaan halen. 

Maar ook dit was een heel avontuur. Ik heb 2 dagen lang alle ziekenhuizen moeten afgaan voor ik iemand vond die me kon helpen. En de ziekenhuizen zijn niet zoals bij ons…

Na hereniging keken we er naar uit om naar Cusco te vliegen. We zijn wel heel blij met onze uitgebreide amazone-ervaring.